Twaalf tenen

Ton Hartsuiker is 80 jaar geworden en ter ere van zijn verjaardag schreef ik dit gedicht voor hem. Ton Hartsuiker is pianist en was jarenlang de directeur van het Conservatorium te Amsterdam. Hij heeft zich zijn hele leven ingezet om de avantgardistische en moderne muziek te stimuleren en uit te voeren.

Twaalf tenen
Voor Ton Hartsuiker

Ik word wakker, poets mijn tanden, knoop de knopen, sluit het af.
Af het sluit, knopen de knoop, tanden mijn poets, wakker word ik.
Jij vergaat slapend, smeert je tenen, lost het lossen, opent de beginnetjes.
Beginnetjes de opent, lossen het lost, tenen je smeert, slapend vergaat jij.

Ik word wakker, poets mijn tanden, knoop de knopen, sluit het af.
Af jij sluit, knopen de knoop, tanden mij poetsen, wakker word ik.
Jij vergaat slapend, smeert je tenen, lost het lossen, opent de beginnetjes.
Jij opent de beginnetjes, smeert je tenen, vergaat het lossen, lost slapend.

Jij knoopt slapend, sluit knopen af, poetst mij wakker.
Ik werd wakker, poetste mijn tanden, jij vergat te slapen.
Jij vergat te slapen, jij vergaat het slapen, jij vergeet te slapen.

Droomde jij over vrouwen in water?
Over bloemen in velden?
Over vergeten helden?
Of over gevallen soldaten?

Mijmerde jij over de mens als natuur?
Over kinderen op het strand?
Een dode duif in de linkerhand?
Over hoe niemand wint van ‘t vuur?

Brieste jij tegen de maestro?
Woonde jij in de bomen
om aan de cultuur te ontkomen?
Of priegelde jij schroefjes in de piano?

Maar het moet plots origineel zijn, het moet origineel zijn!
Niets mag precies herhaald. FUCK de traditie, FUCK het verleden.
Niets mag al gedaan zijn.
Geen letter, geen toon, geen streek. Alles mag, en dat is nog niet gedaan.
Een woord: Was.
Nee.
Dat bestaat al.
Een woord is al teveel woord.
A b c d e f g
Pskt. Grktfmn
Srisfkznt. Prrt. FFktznriktsgrok. Srisfkznt. Srisfkznt.
Vrije seks, alles kan.
Blote vrouwen, volledig gewikkeld in cellofaan, op een concertvleugel. Dansend op een open-raam-symfonie. Alle bewegingen geïmproviseerd.
En niets, maar dan ook niets doet denken aan iets.

Behalve dan.. behalve dat éne detail, dat minuscule ielepielerige detail.
Die kleine wetenswaardigheid..
Dat we allemaal mensen zijn.
Mens-zijn is al zooovaak gedaan.

Het doen is al het doen.
Het niet-doen is ook doen.

Je word wakker, poetst je tanden, knoopt je knopen, sluit het af.
Begint het smeren, opent de tenen, sluit het slapen.
Je opent de dag, poetst de beginnetjes, knoopt het ik.

Je begint aan iets, knoopt een knoop, vergaat in slaap.

Je verliest de magie?

Je verliest de magie
Je verliest de magie
je verliest de magie
je wint in magie.

Een gedachte over “Twaalf tenen

  1. ad haans

    ‘Twaalf tenen’ is een raadselachtige titel. Twaalf tenen hebben is in elk geval iets heel bijzonders en iets heel ongekende, net als destijds het twaalftoonsstelsel in de muziek. Verwijs je daar misschien naar in dit gedicht over de avantgardistische pianist Hartsuiker? Het lyrisch subject wordt wakker, poetst de tanden, knoopt de knopen en sluit iets af. De slaap? De droom? Het lichaam? De vraag wordt nog veel groter als de tweede regel een volstrekte omkering blijkt van de eerste. Rederijkers deden dat vroeger ook, maar dan met behoud van syntactische structuur en betekenis. Je herhaalt het omkeringsproces in de derde en vierde regel en de onbegrijpelijkheid ervan doet denken aan de onbegrijpelijkheid van avantgardistische muziek. In de tweede strofe is dat ook aanwezig: onbegrijpelijke taal en onbegrijpelijke muziek in een moeizaam proces van wakker worden. Het lyrisch subject wordt wakker samen met de ‘jij’. Een liefdespaar dus, concludeert de lezer. Een liefde tussen de maestro en zijn pupil. En de pupil wil weten! De pupil wil weten waarover hij droomde, ze zou in hem willen kijken, want ze is zeer geïnteresseerd in zijn binnenste. Ze doet allerlei veronderstellingen maar er komt geen antwoord. Wel komt er plotseling de strenge eis van originaliteit, de hele sterke avantgardistische eis van originaliteit. Die eis gaat zover, dat er niets herhaald mag worden, geen letter, geen toon, geen streek. De oorspronkelijkheidseis loopt uit op volstrekte onverstaanbaarheid, op onuitsprekelijke klankenreeksen.

    En dan komt ineens de erotiek om de hoek, de vrije seks. Er liggen blote vrouwen op een concertvleugel, in cellofaan verpakt. Ze dansen en bewegen, puur improviserend. Niets is bekend, niets is herhaald, behalve dan, en nu komt het: het meest wezenlijke (ironisch een ielepielerig detail genoemd): het mens-zijn. Ondanks zijn avantgardisme, ondanks zijn haast onbegrijpelijke muziek, zijn oorspronkelijkheid is Hartsuiker een mens, en niets menselijks is hem vreemd in al zijn doen en laten. Hij wordt wakker, hij sluit zijn droom af en opent de communicatie na nog even gegaapt te hebben. Is hij zijn droom verloren, is hij zijn magie kwijt? Nee, geenszins: hij leeft en wint in magie, in de magie van het mens-zijn, zo stelt het lyrisch subject verheugd vast.

    Reageren

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.

De volgende HTML-tags en -attributen zijn toegestaan: <a href="" title=""> <abbr title=""> <acronym title=""> <b> <blockquote cite=""> <cite> <code> <del datetime=""> <em> <i> <q cite=""> <strike> <strong>