Rode tasjes rode lippen

10003263_10152056460792569_1495551804_n

festivalcement.nl

Door Theaterfestival Cement ben ik gevraagd om als een writer in residence elke dag een tekst te schrijven over het festival en de voorstellingen. Het festival vindt plaats van 26 t/m 29 maart in en rond de Verkadefabriek te Den Bosch. De teksten zijn ‘Nico Dijkshoorntjes’, op de avond zelf geschreven en in hoog tempo. Ik dwaal rond als spion en festivalbezoeker, niets en niemand is veilig voor mijn pen, ikzelf nog het minst.
De vier schrijfdagen heb ik voor mijzelf opgedeeld in vier thema’s en vragen:
1. Wat voor mensen trekt Cement aan?
2. Hoe staat ’t met het theater?
3. Wat zijn de gedrags- en theatercodes en waarom?
4. Wat is festival Cement?

26-03-2014. Cement 1. Wat voor mensen trekt Cement aan?

Waarom fronzen mensen als ze naar een voorstelling kijken?

Bij de eerste dansvoorstelling (van een tweeluik geïnspireerd op Jeroen Bosch) is ’t meteen raak. Bij ‘All dressed up but nowhere to go’ van Giorgia Nardin zien we twee mensen, man en vrouw, met beiden een overhemd aan en verder niks.
Ze raken gedurende het grootste deel van de voorstelling de grond met maar één been aan. Wie met twee benen op de grond staat is af.
Later trekken ze hun overhemden uit en zijn ze volledig naakt in wat een combinatie lijkt van instinctieve naaktheid en intense preutsheid. Hun vraag lijkt te zijn: Hoe lang kun je naakt zijn zonder elkaar aan te raken en zijn gewone handelingen als krabben aan de kin en hurken, anders zonder kleding?

Dan is er pauze, heel kort, voor de balletvloer en het tweede deel van het tweeluik. De mensen in het publiek tillen heel even hun wenkbrauwen op. Sommigen weten waar ze ’t over hebben, dan knikken ze minstens drie keer tijdens een zin.
De rest praat, maar waarover? Niet over de voorstelling, lijkt ‘t. Eerder over de balletvloer: van wit naar zwart, van naakt naar gekleed.
In ‘Rockers’ van Dante Murillo wiegen de twee mannelijke dansers over de vloer. Mensen om mij heen hebben hun wenkbrauwen weer in de rimpel. Ineens moet ik denken aan hoe mijn iets lompere vrienden hiernaar zouden kijken. Ik denk dat een vriend van mij: Rob (type slimme maar lompige Brabander die vindt dat hij kunst niet snapt), zou denken dat hij naar een parodie zit te kijken van iets dat moderne dans/mime heet. De maker wil, lees ik, zijn lichaam in extase brengen en zich naar de grens van uitputting wiegen en draaien. Extase. Om mij heen leggen mensen hun hand onder hun kin of hun kind op hun hand. Ze kijken geïnteresseerd maar lijken niet in extase. We zitten dus te kijken naar iemand die een ervaring aan het hebben is. Kunnen wij indirect in extase raken of alleen in een geestelijke?
De dansers ademen zwaarder, ik wil mee zuchten en briesen als een stier maar ik ben niet in Afrikaanse oerstam-extase, ik mag alleen maar kijken.
Samen persen de dansers het laatste melkzuur in de nerven van hun spieren en dan is ’t gedaan. Fade-out, fade-in, applaus, af, nog een keer op en weg, poef!
De leden van theatergroep BOG vertellen mij in een voorbereidende tekstlezing dat ze de mening op een voetstuk willen plaatsen. Terwijl ik dit schrijf plaats ik mijn mening ook op een voetstuk, dat kan niet anders. Als ik de zwoele stem beluister van Bog’er Judith de Joode zie ik nog altijd een penis tegen een lichtbehaard bovenbeen klotsen en twee borsten wiegen op de Afrikaanse elektronische beats.
Drankje halen. ‘Hoi wij kennen elkaar, oh ik ken u inderdaad, nee u ken ik niet maar jullie kennen elkaar wel. Hai! Hoi! Hee! Haa!’
De mensen die net in de zaal serieus keken fronzen niet langer maar lachen, op een paar na. Maar dat zijn professionals, programmeurs enzo. Voor hen is dit een werkavond en je moet als maker van goeden huize komen om hen nog van hun sokken te blazen, zoals gewoonlijk.
Bij Compagnie Covar is niets zoals gewoonlijk. We worden heen en weer gesleurd tussen associatieve mijmeringen en het aangesproken worden als leden van het Europese Parlement. Els Roobroeck is de eerste performer van vanavond die mij aankijkt vanaf het toneel. Onder de donkere, Berlijnse, riool-van-de-geest achtige beats van Han Stubbe worden we aangesproken en worden ons beelden verteld. Els heeft iets in haar hoofd en ze wil ’t uitzetten. Bij nader inzien lijkt ze misschien toch dwars door ons heen te kijken. Wij kijken naar een scherm met projecties van een maquettewereld, naar de muzikant die live elektronische muziek maakt en naar de mijmeringen van Els. Wie zijn wij voor haar? Niet alleen een Europees Parlement, want worden we aangesproken als arts. We zijn haar fictieve vijand, haar derde persoonsperspectief.
Zoals Rob, die vriend, mijn derde persoonsperspectief is die alleen maar een penis kan benadrukken.
Compagnie Covar weet een slechte dag zo mooi te vertellen. Van uiensap naar aderlatingen, alles om het hoofd te helpen: Google, Tinnitus, wie is hier nu gek?
De performance doet mij denken aan de poëzie van de Beatgeneration maar dan zonder dat er letterlijk op je gespuugd wordt door Allen Ginsberg als de druppels zijn baard uitzwiepen. Tegen wie spreekt en denkt Els? Tegen wie spreek en denk ik als ik de gedachte denk dat er zo weinig ‘gewoon’ publiek lijkt te zijn. Het publiek is zo langbenig, bebrild en knap, coolbekuifd en zelfverzekerd! Twee oudere vrouwen waren grapjes aan het maken op de gang, lij lachten hard. Zij gingen ‘gewoon’ een avondje voorstelling kijken, of verzin ik het en wordt mijn hoofd in tweeën gezaagd door de snerpende muziek van Covar? Is mijn kijk op de wereld hetzelfde als de fluittoon die Els Roobroeck al maanden hoort? Tuuuuut….derde persoooons. Tot de stilte erop volgt?
Mijn hoofd fronst waarschijnlijk ook in de neutrale stand. Kan ik mijn meninkje en ik ooit uitzetten? Nou ja, deze vraag is al in de derde persoon, dus nee. Dus.
Ik heb rode lippenstift op en ben ook geen gewoon publiek, en dat is juist heel gewoon. Of juist ongewoon? Zie! Daar ga ik. Ik kan nooit met beide benen op de grond komen, dan ben ik af.
Ik penis. Nee, hè. Ik peins. Tuuuut.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.